Roodstaartamazilia of roodstaartkolibrie

Bij onze voorbeschouwing over wat we in Costa-Rica écht wilden zien lag het voor de hand dat kolibries daarbij hoorden. Lang moesten we er niet op wachten. Al tijdens de eerste ochtend in San-José, de hoofdstad van Costa-Rica, werden we onze wenken bediend. In de kleine tuin van het hotel was de roodstaartamazilia [Amazilia tzacatl] prominent aanwezig. We wisten toen nog niet dat uitgerekend die soort tot de meest voorkomende kolibries van Costa-Rica kan gerekend worden.

Herkomst. De roodstaartamazilia is een verspreide soort die lang niet alleen in Costa-Rica kan gezien worden. De wetenschap heeft vijf ondersoorten beschreven die in een zeer groot gebied in, vooral, Midden-Amerika voorkomen. Het grenst aan een waarschijnlijke zekerheid dat de hier afgebeelde vogel tot de nominaatvorm hoort. Dit werd ons niet alleen door plaatselijke gidsen (wat een vogelkenners!) verteld maar ook bevestigd door de, later, door ons geraadpleegde wetenschappelijke gidsen en naslagwerken.

Levenswijze. Het is een soort die vooral voorkomt in niet-beboste gebieden, vaak wordt gezien in tuinen, parken en andere bloemrijke plaatsen. De aanwezigheid van deze, maar ook andere kolibriesoorten, in bloemrijke plaatsen wordt verder bevestigd door het voortdurend gezoek naar voedsel. Met een hoge snelheid zien we niet alleen de vogel naar een mogelijke voedselbron vliegen maar ook horen we hem letterlijk afkomen. Bij het vliegen maken kolibries (vaak) een brommend geluid dat wordt veroorzaakt door de snelle bewegingen van de vleugels. Al eerder is in ‘De Vogelwereld’ geschreven dat kolibries tot tachtig keer per seconde(!) met de vleugels kunnen slaan.

Voedsel. In hoofdzaak bestaat het voedsel uit nectar. Bijzonder, maar ook mooi om zien, is dat deze vogel letterlijk voor de bloem stil hangt en met de lange tong bewuste nectar uit de bloem haalt. Hierna zweeft hij gewoon naar een andere bloem of naar een zitplaats. Dit tafereel kan tientallen keren per dag gezien worden. Het lijkt wel of kolibries nooit verzadigd zijn. Maar die aanhoudende drang naar voedsel heeft zijn reden. De stofwisseling bij hen ligt vele malen hoger dan bij de doorsnee zaadeter zodat ze wel verplicht zijn om constant alle mogelijke voedselbronnen te benuttigen. Komt daarbij dat deze vogels zich verder moeten blijven voeden met insecten om te kunnen overleven. In dit verband hebben Marc en wijlen Bernard Coene al heel wat prachtige teksten voor ons maandblad geschreven.  

Beschrijving. Details. Grootte: ± 9 centimeter. Vleugelwijdte: circa 11,5 tot 12 centimeter. Gewicht: ± 5,4 gram. Snavel: ± 2,7 centimeter. Pootjes: vrij dun, zwart gekleurd. Lichaam. De bovendelen, dus ook de vleugeldekveren, zijn overwegend groen. De slagpennen tonen zich in een grijszwarte kleur met een lichte zweem naar paars. Dit laatste valt in het bijzonder op wanneer de zon op dit lichaamsdeel schijnt. Ook keel en bovenborst kleuren groen maar zijn doorlopen met een grijsachtige bijkleur wat voor een schubeffect zorgt. Ten ander, dat schubeffect is ook te zien op de bovendelen (kop, nek rug, schouders en stuit). De staart kleurt bruinrood waaraan deze kolibrie ook zijn naam te danken heeft.

 Dimorfisme. Het verschil tussen man en pop is niet uitgesproken. De pop lijkt sterk op de man maar ze bezit vooral een meer grijsgekleurde borst.

Voortplanting. Naar verluidt kunnen er in het verspreidingsgebied het jaar rond nesten van de roodstaartamazilia teruggevonden worden. De pop bouwt alleen een klein komvormig nest, op hulp van de man hoeft ze niet te rekenen. Het afgebeelde nest (zie ‘De Vogelwereld’ van september 2018) bevond zich op een kleine twee meter boven de grond maar in de geraadpleegde literatuur (zie referenties) wordt ook gemeld dat sommige nesten al op zeventig tot tachtig centimeter boven de grond kunnen aangetroffen worden. Wat er ook van is, het wordt altijd weer opgebouwd met plantenvezels, verdorde bladeren, mossen en korstmossen. Dit materiaal wordt bij elkaar gehouden door spinrag dat op een geraffineerde wijze doorheen het nest wordt gebruikt. De efficiëntie ervan is groot, alle bouwstoffen worden er keurig door bij elkaar gehouden. Het nest heeft een doorsnede van hooguit drie centimeter. Het staat ook steevast op een horizontale stok. In het afgewerkte nest zal het wijfje twee wit gekleurde eieren leggen. Het bevruchten van de pop is de enige daad van de man bij de voortplanting. Alle andere gebeurtenissen (broeden, het opkweken van de jongen en de nazorg ervan) komen op de frêle schouders van het wijfje terecht. Maar ze doet dit werk met bravoure. Zo weet ze de eieren in vijftien dagen uit te broeden en zal ze de juveniele kolibries alleen grootbrengen. En die jongen verlaten het nest bij het beëindigen van de derde levensweek. Na het uitvliegen blijven de jonge roodstaartamazilia ’s nog ruim een maand afhankelijk van hun moeder. Bij het afsluiten van de tweede levensmaand zijn ze pas écht zelfstandig.

Literatuur

  • Animal Diversity Web.
  • A Guide tot the Birds of Mexico and Northern-Central America by Steve N. G. Howell, Sophie Webb.
  • Birds of Costa-Rica by Richard Garrigues and Robert Dean.

Gabriel Rojas Vargas (plaatselijke gids) mondeling.

Meerdere foto’s van de amaziliaroodstaart en andere kolibries

kunt u terugvinden in de fotoreeks over ‘Vogels uit Costa Rica’.

 
Digiprove sealThis content has been Digiproved © 2020 Danny Roels

One comment

  1. Danny,zo´n verzameling uit Costa Rica die we soms nog in dromen zien passeren blijven op ons netvlies gegrift!!!was superrrrrrrrrr!!!prachtige reeks(of toch een gedeelte) ervan.

Leave a Reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *