‘Pura Vida’, vogels uit Costa Rica Halsbandzanger

Een mooi vogeltje is zondermeer de halsbandzanger [Myioborus torquatus] die we mochten ontmoeten in het mooie Costa Rica. Dit vogeltje, amper 13 cm groot, combineert de kleuren diep donkergrijs (kop en bovendelen), geel (masker, buik en onderbuik), wit (onderstaart) en roodbruin (kruin). Opmerkelijk is de donkergrijze band die keel en bovenborst van elkaar scheidt. Een uiterlijk verschil tussen man en pop is er niet, ze zijn gelijk gekleurd.

Voeding. De halsbandzanger is een bergvogel die graag vertoeft op hoogten boven 1500 meter. Bij observatie valt op dat het niet alleen gaat om een heel mooi gekleurd vogeltje maar dat het overduidelijk vliegenvangersmanieren heeft. Gezeten vanop een vaste plaats laat hij zich menig keer verleiden om een te dicht bij de zitplaats gekomen vlieg, mug of ander insect in de vlucht te slaan. Na het slaan van de buit, al dan niet veroverd, wordt er naar dezelfde zitplaats teruggekeerd om daar de prooi, indien de uitval succesrijk was tenminste, naar binnen te werken. Ook worden boombladeren afgeschuimd op zoek naar dierlijk voedsel. Of wat te denken van het gegeven dat vee in weiden wordt gevolgd. Bij verplaatsingen van die dieren worden insecten opgejaagd die door de halsbandzanger makkelijk kunnen gevangen worden. Dit vogeltje is uiteraard te catalogeren als een louter insectenetertje, zie de fijne scherpe snavel, andere voeding wordt niet opgenomen.

Herkomst. Een groot verspreidingsgebied kan de halsbandzanger moeilijk toegemeten worden. Het komt enkel voor in Panama en Costa Rica waar hij bekend staat als een uitmuntende zanger, daar wordt in zijn naam naar verwezen.

Nest. Een koppel leeft monogaam gedurende een kweekseizoen. De broedtijd loopt van maart tot mei. Het koepelvormig nest heeft een zijdelingse ingang en wordt gebouwd met droge bamboebladeren, gedroogde grassen en andere vegetatie die in de natuurlijke habitat makkelijk te vinden zijn. Het nest wordt vlakbij, zelfs op de grond in de onderbegroeiing gebouwd. Bij de balts zou de roodbruine kruin een niet onbelangrijke rol spelen. Die wordt door de man tot een kleine kuif opgericht waarbij ook de felgele bevedering van buik en flank wordt opgezet. Ook de staart wordt gespreid waarbij het belang van de witte onderstaart wordt aangetoond. Het legsel, dat bestaat uit twee of hooguit drie eieren, kan bezwaarlijk groot worden genoemd. Aangenomen wordt dat de broedtijd dertien dagen bedraagt en dat beide vogels voor de jongen zorgen. Het laat geen twijfel dat die alleen met dierlijk voedsel worden grootgebracht.

Literatuur

  • Animal Diversity Web.
  • A Guide to the Birds of Mexico and Northern-Central America by Steve N. G.Howell, Sophie Webb.
  • Birds of Costa Rica by Richard Garrigues and Robert Dean.
  • Diverse plaatselijke gidsen, mondeling.
 

One comment

Leave a Reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *